Broertjes en zusjes die samen spelen

Landschapsillustratie

Wie meer dan één kind heeft, kent het: het ene moment spelen ze prachtig samen, het volgende moment is er ruzie, en dan lachen ze weer. Juist dat wisselende samenspel is het mooiste om te fotograferen. Broers en zussen hebben een eigen taal, met blikken, grapjes en gebaren. Als je goed kijkt en niet ingrijpt, kun je die taal vastleggen zonder dat iemand hoeft te poseren.

Laat het gebeuren

Ga op kleine afstand zitten en doe alsof je iets anders doet. Kinderen die in hun spel opgaan, vergeten de telefoon. Zoom een beetje in, zodat je dichterbij komt zonder in de weg te zitten. Fotografeer wat er gebeurt: samen bouwen, ruilen, uitleggen, lachen, zwijgen naast elkaar. Je hoeft geen moment te regisseren, want het beste gebeurt vanzelf, en het is bijna altijd anders dan je verwacht.

Let op de handen en de voeten. Twee paar handen die samen iets vasthouden, twee paar laarzen naast elkaar, een grote hand die een kleine helpt. Zulke details zeggen veel over de band tussen kinderen, ook als hun gezichten niet te zien zijn. Als je op ooghoogte gaat zitten, zie je de gezichten mooi naast elkaar. Let ook op licht van een raam, dat zacht op beide gezichten valt.

Neem ook de minder mooie momenten mee, met respect. Een boos gezicht, een traan, een kind dat wegloopt en een ander dat volgt. Deze momenten horen bij het samen opgroeien, en later lachen ze er vaak om. Vraag jezelf wel af of het kind er later blij mee zal zijn. Laat een foto van een verdrietig moment niet zomaar rondgaan, maar bewaar hem voor jezelf.

Maak af en toe een bewust portret van de kinderen samen. Laat ze naast elkaar zitten op een trap, een bank of de rand van de zandbak. Vraag geen geforceerde glimlach, maar laat ze iets doen: elkaar een geheim vertellen, tegen elkaar aanleunen, samen naar iets wijzen. Doe dit elk jaar op dezelfde plek, dan zie je de verschillen. Laat ze de foto's daarna zelf uitkiezen en vertel erbij waarom jij deze zo mooi vindt.