De telefoon ondersteboven houden om helemaal bij de grond te komen

Landschapsillustratie

Soms wil je de wereld zien zoals een klein kind of een hond hem ziet: vlak bij de grond. Gras dat als een bos boven je uitsteekt, een mier op een steen, een kind dat naar je toe kruipt. Met een gewone telefoon is dat lastig, want de camera zit een stukje van de onderkant af. Een handige truc is de telefoon simpelweg ondersteboven te houden, zodat de lens dichter bij de grond komt.

Een simpele draai met groot effect

Draai de telefoon zo dat de camera aan de onderkant zit. Houd hem vlak boven het gras, het zand of de vloer, en leg je pols op de grond voor steun. Kijk naar het scherm en tik op het onderwerp om scherp te stellen. De foto staat meestal goed, want veel telefoons draaien het beeld automatisch. Staat het beeld toch op zijn kop, dan kun je het achteraf gewoon rechtdraaien.

Kruip zelf ook laag. Ga op je buik liggen of hurk helemaal door je knieën. Dat voelt een beetje gek, maar het levert foto's op met veel diepte: een kind dat op je af rent, schoenen die groot in beeld staan, een bal die op de camera afrolt. Vraag een kind om samen te oefenen. Kinderen vinden het geweldig als een volwassene in het gras ligt.

Let goed op de achtergrond. Als je laag zit, zie je meer lucht en verder weg, en minder rommel op de voorgrond. Zorg dat de lucht mooi is, en zoek een vlak stuk grond zonder afval. Houd de lens schoon, want zand en gras zitten er snel op. Veeg af met een zachte doek voordat je begint, en kijk of er geen vingerafdruk op zit.

Wees voorzichtig met de telefoon. Laag bij de grond ligt hij dicht bij water, modder en zand. Gebruik een polsbandje als je dat hebt, of houd hem stevig met twee handen vast. Probeer verschillende plekken uit: een pad, een trap, een tuintafel. Als je merkt dat de foto's meer leven hebben, doe je dit vaker. Laat de kinderen het ook proberen en bekijk hun foto's samen.